Er zijn mensen die van papegaaien houden, maar er zijn ook mensen die zo veel om papegaaien geven, dat ze ze niet alleen als huisdier hebben, maar er ook hun beroep van hebben gemaakt. Het spreekt vanzelf dat ze er dan ook heel veel over weten. In het eerste deel van deze nieuwe serie is het woord aan Esther, vrijwilligster bij het NOP in Veldhoven. Zij heeft meerdere kaketoes in huis, en zorgt ook in het papegaaienpark met passie voor deze bijzondere vogels.

 

Als ik haar bel voor een afspraak hoor ik op de achtergrond al onmiskenbare vogelgeluiden. Wanneer ik bij haar binnenstap, valt me op dat het hele huis aan papegaaien is gewijd. Een kaketoe in reliëf naast de voordeur, binnen papegaaien foto’s, een papegaaien kalender op de toilet, een kaketoe-klok en in een lijst de trouwfoto van Esther, mèt kaketoe. De woonkamer is het domein van de vogels: Meerdere grote kooien en boven de salontafel schommelt een Witkuif kaketoe in een touwring, met een krantje er onder omdat papegaaien nu eenmaal niet zindelijk zijn. Tijdens ons gesprek dwarrelen er regelmatig witte donsveertjes naar beneden, terwijl van tijd tot tijd vanuit de kooi in de hoek een gekrijs klinkt. En dit is nog rustig voor hun doen! Vaak zijn alle vogels los (er zijn drie kaketoes) en wordt er soms een avond lang gekrijst. Je moet wel een extreem grote liefde hebben voor kaketoes om dit iedere dag te verdragen en ik word nog nieuwsgieriger naar Esther en haar beroep.

 

Vraag: Je werkt bij het NOP ( De Nederlandse Opvang voor Papegaaien in Veldhoven), en de allereerste keer dat ik jou ontmoette stond je in de volière waar nogal wat kaketoes wonen. Ik zie nu ook dat je er een paar in huis hebt. Kun je wat over jezelf vertellen wat betreft je werk en ervaring, en heb jij een speciale band met kaketoes?

“Ik heb ongeveer 11 jaar ervaring met papegaaien, waarvan tien jaar met kaketoes. Ik werk al zes jaar bij het NOP, en ben leidinggevende. En ja, ik heb zeker een speciale band met kaketoes. Dat komt door de combinatie van extreme intelligentie en aanhankelijkheid, daar smelt ik voor. Ik begon op mijn 18de met mijn eerste grijze roodstaart, Loco.

Inmiddels wilde ik heel graag een blauwgele ara aanschaffen, alleen in de dierenwinkel zag ik een baby kaketoe.. Een bastaard, kruising tussen een Oranjekuif en een Witkuif kaketoe. In de winkel was hij al niet meer bij me weg te slaan en ik ook niet meer bij hem, toen was verkocht. Ik kwam dus onverwacht (net zoals vele andere mensen met mij) met een kaketoe thuis. Ik had er al wel veel over gelezen en wist dat kaketoes enorm kunnen schreeuwen en veel stuk maken. Ik heb toch wel de nodige problemen gehad met Krypto. De eerste 1,5 à twee jaar ging het geweldig alleen na 2 jaar begon hij te puberen. Hij werd ouder, ging gillen, schreeuwen, krijsen en dat vaak urenlang achteréén, sloopte wat hij maar kon en beet mij wanneer hij wenste op een andere manier gekriebeld te worden. Ik heb dat beest vervloekt, dacht “waar ben ik in godsnaam aan begonnen?” Het was echt een draak, en op zeker moment dacht ik “Nooit meer een kaketoe!!!”

Dit is het punt waarop heel veel mensen het opgeven. Veel kaketoes worden verkocht of belanden in de opvang. Later met heel veel geduld, liefde en handelingen is Krypto toch rustiger geworden. Dat was bij deze vogel tussen de 5 en 6 jaar. Hij werd weer steeds liever. Inmiddels wist ik redelijk hoe met kaketoes om te gaan en ik heb er nu drie. Lady-Velvet, een Witkuif kaketoe. Hem heb ik ook van jongs af aan. Het is heel moeilijk om te zien welk geslacht een jonge kaketoe heeft en ik dacht écht dat het een poppetje was… Vandaar dat HIJ “Lady” heet…

(Pas na een jaar komt de uiteindelijke oogkleur tevoorschijn, waarbij de iris van de mannen volledig zwart zijn, kan dat bij de poppen variëren van diep donkerrood tot bruin). Binnen een half jaar zag ik aan Lady dat het toch echt een mannetje moest zijn aan zijn gedrag en grootte. De derde kaketoe is een adoptievogel. Het is een pop en ze heet Binky. De eerste eigenaar had niet voldoende tijd voor haar waardoor ze begon te verenplukken, met die reden is ze verkocht aan een kweker. De kweker zocht een nieuw huis voor haar, en aangezien ze mij kenden wist ze dat Binky in goede handen zou zijn. Sinds ze hier in de groep woont is het plukken gestopt. Ze is een hele lieve vogel, die gekortwiekt is en geregeld mee naar buiten gaat.”

 

Als we het over Krypto hebben gaat deze in zijn kooi druk spelen met een plastic stukje buis, dat hij telkens weer over zijn rug in de waterbak laat rollen. Boven de salontafel laat Binky zo nu en dan een flats op de krant vallen. Achterin de kamer laat Lady af en toe weten dat hij het niet leuk vindt om veiligheidshalve achter de tralies te zitten ( hij bijt meestal in visite!) en naast mij reageert grijze roodstaart Loco met geluidjes op het gesprek.

Vraag: Kaketoes spreken nogal tot de verbeelding. In de tv-serie “Swiebertje” had Malle Pietje er een, en in tv-reclames zie je ze ook nogal eens. Veel mensen dromen er van om een kaketoe te bezitten. Maar er komt nogal wat bij kijken om een kaketoe te kunnen houden. Wat heeft zo’n dier nu nodig om zich lekker te kunnen voelen?

“Kaketoes zijn echte groepsdieren. Ze voelen zich het prettigst wanneer ze met meerdere soortgenoten in een groep leven. Kaketoes kiezen elkaar als maatje op basis van het karakter, dus wanneer je er twee hebt kan het goed zijn dat ze elkaar niet liggen. Dit geldt alle papegaaien. Grote papegaaien/papegaaiachtigen zijn eigenlijk volkomen ongeschikt voor de woonkamer, tenzij je daar een soort volière van maakt. Het beste is het, wanneer ze overdag in een buitenvolière kunnen zitten. Ze hebben namelijk ook veel ruimte nodig, veel knaagmateriaal, en veel variatie. Wanneer je kaketoes hebt, doe je ze een groot plezier met speelgoed waarin leer in verwerkt zit, of grote houten blokken. Papegaaien en helemaal kaketoes, vinden vooral speelgoed leuk dat ze kunnen slopen. De vaak prachtig gekleurde plexiglas speeltjes en de RVS-speeltjes zijn vaak leuker voor de mensen dan voor de vogels zelf, aangezien ze die vaak niet stuk kunnen maken. In de dierenspeciaalzaak kun je ook hondenspeelgoed vinden zoals varkensoren en kauwschoentjes. Veel kaketoes vinden dit ook heerlijk om mee te spelen. Verder is het belangrijk dat je creatief bent: oude telefoonboeken, wc-rolletjes, tandenborstels of pennen waar de vulling natuurlijk is uitgehaald dennenappels uit het bos. Bij papegaaien is het belangrijkste afwisseling van speelgoed. Daarnaast hebben kaketoes natuurlijk goede voeding nodig (goede hoogwaardige pellets) en moet je alleen een vogel aanschaffen wanneer daar een certificaat bij zit dat hij getest is (PBFD, Polyoma en Chlamydia, red.). Sinds een kan men ook testen op PDD/KDS, een ziekte die veel ellende veroorzaakt. (Heb je een vogel met KDS in huis, houd hem dan apart van de andere vogels en voer hem een goede pellet). Wie kaketoes wilt houden kan ervan uitgaan dat een goede verzorging heel veel geld kost! En als laatste: je moet vooral tolerante buren hebben!”

 

Vraag: Het is bekend dat kaketoes nogal veel herrie kunnen maken, maar dat is niet het enige probleem waar mensen mee te maken krijgen als ze een kaketoe aanschaffen. Kun je wat meer over het kaketoe gedrag vertellen waar kaketoe-eigenaren mee geconfronteerd worden?

“Ik noemde het schreeuwen al, soms avonden lang. Kaketoes schreeuwen en blijven dat doen. Het hoort bij de soort. Kaketoes zijn experts in het manipuleren van mensen en het doordrijven van hun zin. Aangezien negatieve aandacht ook aandacht is, gaan ze schreeuwen en alles slopen, vooral wanneer ze alleen op de mens zijn gericht. Ze maken rotzooi en smijten hun (dure) brokken het liefst door de hele kooi en kamer heen. Alles voor aandacht! Dus wat je dan absoluut niet moet doen is dat gedrag belonen, al is het maar te zeggen dat ze hun snavel moeten houden.. Sommige kaketoes bijten, en maken ook daar een leuk spelletje van. Veel mensen blijven, wanneer ze eenmaal gebeten zijn door hun vogel, hun leven lang bang. Ze sluiten de vogel op in zijn kooi, wat dan weer kan leiden tot plukken, schreeuwen en zelfverminking.”

Vraag: Veel mensen schaffen een kaketoe aan om in de huiskamer te houden, maar bij het NOP wonen ze in volières met een verwarmd binnenverblijf. Hoe went een vogel, die zijn leven lang alleen in een kooi heeft gewoond aan een groep? Is dat voor kaketoes lastiger dan voor andere papegaaien?

“Ja, ik denk het wel. Voor kaketoes geldt dat vooral, aangezien de meesten met de hand worden grootgebracht. Ze worden ontzettend tam en zijn daardoor volledig op de mens gericht. Als ze jong zijn is het “knuffelgehalte” erg groot. Mensen zijn vertederd, vinden ze lief, leuk en schattig en door hun aanhankelijkheid en volledige overgave worden ze continue aangehaald en geknuffeld. Daardoor leren ze juist de verkeerde dingen. Wanneer ze dan in de puberteit komen beginnen de eerder genoemde problemen. Mensen die overdag werken zouden eigenlijk helemaal geen “jonge” kaketoe/papegaai in huis moeten nemen en al helemaal geen kaketoe/papegaai alléén houden! Je moet echt heel veel tijd, liefde, aandacht en geld in een kaketoe steken om hem van met de hand grootgebracht kuiken op te voeden tot een lieve huisgenoot. Het wennen aan een groep kan ook problemen opleveren. Bij het NOP gaan de vogels, als ze binnenkomen eerst in een 6- tot 8 weken lange quarantaineperiode, waarbij ze gescheiden van elkaar in dezelfde ruimte wonen. Er wordt daarbij goed gekeken naar het gedrag, zodat daarna alleen de vogels die goed bij elkaar passen bij elkaar in de groep komen. Als dat goed gaat, komen ze eerst in kleine volières en daarna in grotere volières. Soms ontstaan ook hier problemen. Bij een aantal soorten zijn de mannen zo agressief, dat ze in een normale volière niet meer te handhaven zijn. Dat is vooral bij verschillende Amazone papegaaien en van de kaketoes de “Sulphureha” soorten, waar de geelkuiven en de oranjekuiven onder vallen. Ook de Inca-kaketoe kan zeer agressief zijn, vooral als hij wat ouder wordt. Op het park wonen dergelijke dominante vogels dan ook in de reuzenvolière, waar ze alle ruimte hebben. In de broedtijd maken de mannen van sommige soorten ook ronde baltsvluchten met een diameter van een meter of 6. Op het park is het trouwens niet de bedoeling dat we met de lijst 2 soorten gaan kweken (wat bijvoorbeeld wel wordt geprobeerd met de zeldzame vogels zoals bijvoorbeeld de zwarte roodstaart kaketoe en de Hyacint ara.”

 

Vraag: Kaketoes staan op de eerste plaats wat betreft plukgedrag en zelfverminking. Kunnen houders van kaketoes hier iets tegen doen? Helpt het leven in een groep bijvoorbeeld bij de oplossing van dit toch wel grote probleem?

Als een kaketoe gaat plukken, betekent dit meestal dat je al iets verkeerd doet. Bijvoorbeeld door het dier alleen te houden en de vogel vervolgens weinig liefde en aandacht te geven. Er zijn echter ook oorzaken waar je zelf niets aan kunt doen, bijvoorbeeld een traumatische ervaring als een inbreker in huis, een verhuizing, een scheiding. Het is meestal psychisch en bijna niet af te leren. Het is te vergelijken met nagelbijten. Plukt je vogel eenmaal, schenk dan geen aandacht aan het plukgedrag zelf, omdat negatieve aandacht ook aandacht is en het plukken juist stimuleert. Schenk aandacht aan de vogel zelf. Ook een geplukte vogel kan een prachtige, lieve, knappe vogel zijn. Verenplukkers kunnen ook op zeker gelukkig zijn. Een vogel alleen is meestal eenzaam. Sommige kaketoes gaan over tot automutilatie (zelfverminking): ze beschadigen bijvoorbeeld hun poot of hun vleugel zo erg, dat die geamputeerd moet worden. Op het park wonen twee kaketoes op de “Lorre-acker” (de afdeling voor “psychisch zieke” vogels), die het al jaren met één vleugel moeten doen en desondanks toch gelukkig zijn. Sommige vogels zijn er echter zo ernstig aan toe, dat we ze hebben moeten in laten slapen. Laat het niet zo ver komen! Beloon je vogel wanneer hij niet plukt, zoals met veel aandacht en een lekkernij.

Vraag: Heb jij nog een favoriet onder de dieren die jij verzorgt? En hoe voorkom je dat hij of zij een partnerrelatie met je begint?

“Eén favoriet maar? Ik heb er wel meer dan 50! Altijd na het werk ga ik nog even naar de Lorre-Acker om m’n kneusjes wat extra aandacht te geven. Ik voorkom partnerrelaties door ze met meerderen tegelijk aan te halen, want ze zien mij maar z’n 4 keer per week, terwijl ze met de andere vogels samen moeten leven. Soms zet ik er een aantal op de rand van de Lorre-Acker zodat bezoekers ze cedernootjes en fruit kunnen voeren.

Vraag: Kaketoes zijn beslist geen vogels voor beginners. Wat kun je iemand aanraden die geïnteresseerd is in deze vogels?

“Koop geen kaketoe voor in de huiskamer, tenzij je in staat bent om meerdere vogels in huis te houden en die voldoende liefde en aandacht te geven! Je kunt wel twee of meer witkuiven of molukken kaketoes houden, maar houd er rekening mee dat die enorme hoeveelheden stof produceren waar mensen zelfs op de lange duur allergisch voor kunnen worden. Bovendien kunnen deze soorten enorm hard schreeuwen. De Molukken kaketoe is zelfs de luidruchtigste vogel ter wereld! Neem liever een rosé kaketoe of een grijze roodstaart, zij zijn een wat gemakkelijker in de omgang. Je komt nogal eens tegen dat mensen in een flatwoning kaketoes houden, dat is natuurlijk geen goed idee, gezien de herrie die deze vogels maken. Ook voor vogels als ara’s is dit volkomen ongeschikt, aangezien die erg veel ruimte nodig hebben en ook hard schreeuwen. Edelpapegaaien kunnen erg luidruchtig zijn, hoewel ze door hun verenstructuur als enige van alle papegaaien geen stof produceren. Amazone papegaaien zijn ook vaak lawaaischoppers en bovendien kunnen ze nogal agressief zijn naar de partner van de verzorger toe. Neem in zo’n flatwoning (of in een gehorige tussenwoning) liever zwartkop caiques, bonte boertjes of meijer-papegaaitjes. Zij zijn ook erg leuk, intelligent en maken niet zo’n herrie dan hun grotere soortgenoten. “Nogmaals, papegaaien hebben een hoge intelligentie en verdienen beter dan de rest van hun leven opgesloten te zitten in een klein kooitje. Houd daarom nooit een papegaai alleen en al helemaal geen kaketoe!”